Weten


Jaargang 10 nummer 15 2019
Meertaligheid in beeld: Animatieclips en verwerkingsactiviteiten over meertaligheid voor basisschoolleerlingen

Leraren en leerlingen komen telkens meer in aanraking met andere talen dan het Nederlands – scholen zijn in toenemende mate talig divers. Onderzoek suggereert dat het waardevol is om deze talige diversiteit als rijkdom te zien. Eén van de manieren om deze rijkdom te verzilveren is door het onderwerp meertaligheid te bespreken en te verkennen in de klas; dit draagt bij aan een open en nieuwsgierige houding ten aanzien van talen, taalvariëteiten en meertalige taalverwerving bij kinderen. Taalwetenschappers van de Radboud Universiteit hebben hierover een serie animatieclips ontwikkeld, getiteld Meertaligheid in Beeld. Leraren kunnen deze animatieclips in de klas gebruiken om meertaligheid als onderwerp te introduceren en te exploreren.
In dit artikel introduceren we de serie animatieclips, bespreken we onderliggende wetenschappelijke achtergronden, en doen we suggesties voor verwerkingsactiviteiten die bij de animatieclips passen.

Lees verder

Jaargang 10 nummer 15 2019
Naar meer grip op mondelinge vaardigheden. Doelgericht werken met behulp van krachtige routines en reflectie

In dit artikel willen we een lans breken voor doelgericht werken aan de ontwikkeling van de mondelinge taalvaardigheid van leerlingen in de groepen 1 tot en met 8. Het mondelinge domein is alomtegenwoordig in klassen en lessituaties, maar uit het recente Peilingsonderzoek naar mondelinge taalvaardigheid in groep 8 komt naar voren dat dat nog niet betekent dat het beheersingsniveau, zoals dat in het Referentiekader Taal onder 1S/2F beschreven is, door de gewenste minimaal 65% van de leerlingen in groep 8 behaald wordt (Inspectie van het Onderwijs, 2019). Om het domein meer onder de aandacht te brengen, hebben we op basis van ervaringen en ontwikkelwerkzaamheden in de praktijk een achttal routines uitgewerkt waarmee doelgerichte ontwikkeling van het mondelinge domein, met een stevige positie voor reflectie, onder handbereik komt.

Lees verder

Jaargang 10 nummer 15 2019
Herken kleuters met risico op latere leesproblemen

Lezen is een vaardigheid die kinderen moeten leren. Het is nodig om hen daarin expliciet te stimuleren en te begeleiden. Sommige kinderen - de zogenaamde ‘risicolezers’ - beginnen met minder kansen of minder vaardigheden aan de leesontwikkeling en kunnen daardoor problemen ervaren bij de start van het leesonderwijs. Zij ontwikkelen mogelijk leesmoeilijkheden of zelfs ernstige leesproblemen. Door deze kinderen al in de kleuterklas te signaleren, kunnen ze extra voorbereid worden op een zo vlot mogelijke leesstart met leesplezier. Het is daarom belangrijk risicosignalen te herkennen nog voordat leesproblemen opduiken.

Lees verder

Jaargang 10 nummer 15 2019
Close Reading: aandacht voor inhoud van de tekst

Zonder een goede leesvaardigheid is het onmogelijk om goed deel te kunnen nemen aan de maatschappij. Het is daarom van essentieel belang dat kinderen op school goed leren lezen. Jarenlang stonden de leesstrategieën centraal tijdens de begrijpend leesles, maar daar komt door de opkomst van Close Reading verandering in. Er is weer aandacht voor de inhoud van de tekst. Vragen als ‘Wat wil de tekst ons vertellen? Wat kunnen we ervan leren? Wat wil de schrijver voor boodschap afgeven? Hoe kunnen we de personages uit het verhaal beschrijven?' staan tegenwoordig steeds meer centraal.

Lees verder

Jaargang 10 nummer 15 2019
Eerste hulp bij jeugdliteratuur. Een onderzoek naar het effect van lessen jeugdliteratuur op de literaire competentie van eerstejaars pabostudenten

Hoe kan ik weinig lezende pabostudenten laten ervaren dat het lezen van jeugdboeken van belang is voor de eigen ontplooiing en de ontplooiing van kinderen? En hoe laat ik deze studenten ontdekken dat zij door te werken aan hun eigen literaire competentieniveau ook de kinderen op de basisschool kunnen helpen om literair competenter te worden?
Deze vragen waren voor mij de aanleiding tot mijn promotieonderzoek. In dit artikel beschrijf ik de stand van zaken van dit onderzoek. Daarbij zal ik ingaan op het begrip literaire competentie en het belang ervan binnen het kader van de huidige onderwijsontwikkelingen voor het vak taal op de pabo en de basisschool. Ook bied ik een inkijkje in de aangeboden lessen jeugdliteratuur op de pabo.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 14 2019
De inzet van jeugdliteratuur op de pabo: effectief?

In dit artikel presenteren we een samenvatting van een studie naar het lezen van jeugdliteratuur in het curriculum van de pabo (Reiling, 2017). De studie is onderdeel van een groter onderzoeksproject binnen het Lectoraat Narratieve Professionele Identiteit van Katholieke Pabo Zwolle (KPZ). De ambitie van dit project is bij te dragen aan het creëren van een sterke leescultuur voor zowel de pabo als het basisonderwijs in geïntegreerde curricula met daarin veel ruimte voor kritische geletterdheid en dialoog. De missie hierbij is om bij te dragen aan de ontwikkeling van leraren die zelf graag lezen en de brede ontwikkeling van kinderen voeden met jeugdliteratuur.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 14 2019
Lezen met plezier; een onderzoek naar factoren die het (voor)leesplezier bij kinderen van nul tot twaalf jaar stimuleren

Uit onderzoek blijkt dat kinderen die plezier hebben in lezen, vaker lezen en daardoor steeds leesvaardiger worden (Stichting Lezen, 2013a). Daarnaast blijkt dat lezen een bewezen positief effect heeft op de taalvaardigheid en de sociaal-emotionele ontwikkeling (Krashen, 2004; Meelis-Voorma, Moolenaar & Overmeijer, 2012; Stalpers, 2007). Maar helaas vindt een aantal kinderen lezen niet leuk. Deze kinderen vermijden het lezen, waardoor het niveau van de leesvaardigheid achterblijft ten opzichte van de ontwikkeling die van hen verwacht wordt. Een herkenbaar probleem uit de praktijk. Dit artikel beschrijft de resultaten van een bachelor-onderzoek naar de mate waarin de succesfactoren voor leesbevordering (Stichting Lezen, 2012b) zichtbaar zijn op een basisschool en een
kinderdagverblijf.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 14 2019
Taalontwikkelingsstoornis en meertaligheid

Kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben veel moeite met het leren van taal, zonder dat hier een duidelijke verklaring voor is. Gepaste begeleiding en hulp is essentieel voor deze kinderen, maar TOS is, zeker bij meertalige kinderen, niet altijd gemakkelijk te herkennen. Sommige meertalige kinderen hebben namelijk een taalachterstand door onvoldoende blootstelling aan een taal, en deze achterstand kan op TOS lijken. Dit artikel bespreekt de gevolgen van TOS en meertaligheid voor de taalontwikkeling van een kind en gaat in op implicaties voor het onderwijs.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 14 2019
De paradox van het schrijfonderwijs: we weten hoe het moet, maar wie doet het?

In september verscheen in de Vlaamse krant De Morgen een artikel waarin werd beweerd dat studenten die instromen aan de universiteit “niet meer kunnen schrijven”. Het artikel kreeg heel wat weerklank in de media en zorgde voor een oprisping van verwijten aan het adres van het funderend onderwijs, met als rode draad: er moet meer aandacht gaan naar de ontwikkeling van schrijfvaardigheid in het primair en voortgezet onderwijs. In deze bijdrage verken ik het probleem en zoek naar oplossingen. Dat levert een schijnbare paradox op: op basis van wetenschappelijk onderzoek lijken we over heel wat bruikbare recepten te beschikken voor effectief schrijfonderwijs, maar veel animo om te koken lijkt er niet te zijn.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 14 2019
Kenmerken van effectief schrijfonderwijs

Ter ondersteuning van het ontwikkelteam Nederlands van Curriculum.nu verzorgde SLO een aantal overzichtspublicaties voor verschillende domeinen van het taalonderwijs Nederlands. Voor elk van die domeinen wordt een stand van zaken gepresenteerd en worden aanbevelingen gedaan voor het curriculum van de toekomst (zie ook de Blikvangers in dit nummer). In dit korte artikel bieden we een aantal highlights uit de overzichtspublicatie voor het schrijfonderwijs (Hoogeveen, 2018).

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Nederlands als tweede taal: een onderzoek naar de relatie tussen interactiestijlen en taalverwerving bij kleuters

Het onderwijs in België en Nederland kampt met een kloof tussen kinderen uit de lagere sociale klasse en kinderen uit de middenklasse en hoger. Kinderen met een etnische minderheidsachtergrond, zoals kinderen die thuis Turks spreken, behoren vaker tot de lagere klasse en maken systematisch minder kans op schoolsucces. In dit artikel gaat Carolien Frijns na op welke wijze een krachtige taalleeromgeving kan bijdragen aan het dichten van de kloof. Ze bespreekt de resultaten van recent onderzoek naar de relatie tussen interactiestijlen van leerkrachten en taalverwerving bij kleuters met een etnische minderheidsachtergrond.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Het begrijpend leesonderwijs en de leesprestaties van Nederlandse en Vlaamse leerlingen met elkaar vergeleken, PIRLS-2016

In december 2017 is in zowel Nederland als Vlaanderen een rapport verschenen waarin de internationale resultaten van de Progress in International Reading Literacy Study (PIRLS) worden beschreven. Op basis van deze twee rapporten worden in dit artikel de begrijpend leesprestaties en het leesonderwijs in beide landen met elkaar vergeleken. Aan het eind van het artikel worden er vanuit onderzoeksliteratuur enkele aanbevelingen geformuleerd.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Het aanleren van leesstrategieën in het vmbo om begrijpend lezen te bevorderen. Het belang van een goede implementatie

Veel leerlingen op het vmbo ervaren moeilijkheden met begrijpend lezen. In haar promotieonderzoek heeft Mariska Okkinga onderzocht of het aanleren van leesstrategieën bij deze groep leerlingen effectief is voor het bevorderen van begrijpend lezen. De resultaten van het onderzoek laten zien dat het aanleren van leesstrategieën alleen onder bepaalde condities grotere effecten heeft op begrijpend lezen.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Taalverschillen in de klas. Hoe besteed je als leraar aandacht aan de moedertaal van leerlingen?

Leraren komen meer en meer in aanraking met leerlingen die het Nederlands niet als moedertaal hebben. Onderzoek laat zien dat de moedertaal een bron van kennis kan vormen die het kind helpt bij het begrijpen van nieuwe informatie en bij het leren van de nieuwe taal. De moedertaal benutten in het onderwijs is echter lastig voor leraren, omdat zij vaak weinig kennis hebben van de talen van hun leerlingen. Taalkundigen en taalonderwijs experts hebben een app ontwikkeld die leraren daarbij helpt.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Werken aan taaldenkgesprekken in W&T. Een didactisch model voor pabo-studenten en leerkrachten

Hoe krijg je het beste wapperslijm? Dat is een mooi onderwerp voor een taaldenkgesprek, waarin leerlingen tegelijkertijd hun taalvaardigheid en hun kennis en vaardigheden in Wetenschap & Technologie (W&T) ontwikkelen. In dit artikel presenteren we een didactisch model dat pabo-studenten en leerkrachten steun biedt bij de uitvoering van zulke gesprekken. We bespreken wat taaldenkgesprekken zijn en waarom ze onmisbaar zijn bij W&T en andere vakken. Ten slotte belichten we kort hoe een training en train-de-traineropleiding het didactisch model versterken.

Lees verder

Jaargang 9 nummer 13 2018
Klank-tekenkoppelingen verkennen

Het belang van leren lezen onderstrepen, is als het intrappen van een open deur. Juist daarom is een goede voorbereiding in de kleuterperiode van belang. Onderzoek toont aan dat een expliciet aanbod rond klanken en letters hierbij niet mag ontbreken. Vanuit een kindgerichte visie hoor je daar echter soms kritische vragen over. Past het stimuleren van koppelingen tussen klanken en letters, ofwel klank-tekenkoppelingen, wel bij kleuters?

Lees verder